Boek - Zoveel water zo dicht bij huis
Raymond Carver| Amsterdam: Arbeiderspers (1989), 198 pgs., isbn 9029511915. Vertaling: Sjaak Commandeur
Gelezen 15.12.2008
Raymond Carver schetst een wereld die voor veel mensen wellicht vreemd en ver weg is, maar die toch een heel typische snaar raakt die ik alleen bij Amerikaanse auteurs terug vindt. Misschien is het het beeldende, bijna filmische dat je ook beleeft bij het lezen van sommige Faulknerverhalen of bij Richard Yates (Revolutionary Road). Wat gaf mij zo'n zeldzaam plezier in het lezen van deze korte verhalen? Iedere zin zindert en heeft een doel, schept een sfeer die zich aan je opdringt. De personages zijn scherp verbeeld en dragen een lot met zich mee dat weliswaar zwaar is, maar toch met een zekere manmoedigheid gedragen wordt. Dit in tegenstelling tot de verschrikkelijke nietsnutten waarmee de hoofdpersoon doorgaans te leven heeft. Juweeltjes vond ik het titelverhaal en Olifant. Het laatste gaat over een eindeloze stroom familieleden die allemaal voor even geld nodig hebben. De verteller worstelt 15 pagina's lang, vanaf zin 1, met schuldgevoel zonder dat je te weten komt waarom hij zich verplicht voelt aan al deze nietsnutten. Iets vergelijkbaars zien we ook in het verhaal "Dozen" waarin hij worstelt met een moeder die voortdurend wil verhuizen, die een thuis wil en het niet kan krijgen. De kracht van al deze verhalen is, geloof ik, dat er niet wordt toegewerkt naar een ontknoping of een clou, maar dat ze als het ware willekeurige fragmenten zijn uit een uitzichtloos leven. Ik ben benieuwd naar meer.
Gelezen 15.12.2008
Raymond Carver schetst een wereld die voor veel mensen wellicht vreemd en ver weg is, maar die toch een heel typische snaar raakt die ik alleen bij Amerikaanse auteurs terug vindt. Misschien is het het beeldende, bijna filmische dat je ook beleeft bij het lezen van sommige Faulknerverhalen of bij Richard Yates (Revolutionary Road). Wat gaf mij zo'n zeldzaam plezier in het lezen van deze korte verhalen? Iedere zin zindert en heeft een doel, schept een sfeer die zich aan je opdringt. De personages zijn scherp verbeeld en dragen een lot met zich mee dat weliswaar zwaar is, maar toch met een zekere manmoedigheid gedragen wordt. Dit in tegenstelling tot de verschrikkelijke nietsnutten waarmee de hoofdpersoon doorgaans te leven heeft. Juweeltjes vond ik het titelverhaal en Olifant. Het laatste gaat over een eindeloze stroom familieleden die allemaal voor even geld nodig hebben. De verteller worstelt 15 pagina's lang, vanaf zin 1, met schuldgevoel zonder dat je te weten komt waarom hij zich verplicht voelt aan al deze nietsnutten. Iets vergelijkbaars zien we ook in het verhaal "Dozen" waarin hij worstelt met een moeder die voortdurend wil verhuizen, die een thuis wil en het niet kan krijgen. De kracht van al deze verhalen is, geloof ik, dat er niet wordt toegewerkt naar een ontknoping of een clou, maar dat ze als het ware willekeurige fragmenten zijn uit een uitzichtloos leven. Ik ben benieuwd naar meer.Labels: boek
In De helaasheid der dingen keert Verhulst terug naar zijn geboortegrond in Reetveerdegem. We maken kennis met zijn vader, Pierre, die zijn paar uur oude zoontje in een postzak op zijn fiets langs alle kroegen van het dorp rijdt om hem aan zijn vrienden te tonen; zijn grootmoeder, wier nachtrust al te vaak verstoord wordt door de politie als die weer eens een van haar dronken zonen thuis komt afleveren: en niet te vergeten de werkloze nonkels Potrel, Witten en Zwaren, voor wie een wereldkampioenschap zuipen het hoogst haalbare is en die leven volgens het adagium 'God schiep de dag en wij slepen ons erdoorheen'.
Lucia wordt als jong meisje verliefd op Giacomo Casanova. Door een vreselijke ziekte slaat Lucia op de vlucht en verdwijnt zij uit het zicht. Na vele omzwervingen vinden de twee elkaar weer in Amsterdam, maar Lucia is inmiddels onherkenbaar voor Casanova. Er onstaat een listig spel van uitdagen en afstoten waarbij Lucia Casanova op de proef stelt en Lucia's nooit afgeronde maar tegelijk onmogelijke liefde voor Casanova voor haar een steeds gevaarlijker beproeving dreigt te worden.
Een beetje zuur misschien, maar bij zoveel productie gaat er weleens iets minder goed. Burn after Reading mag wat mij betreft in de lijst "Slechtste films tot nu toe van de Coen Brothers". Daarnaast wil ik ook nog even kwijt dat een bezoek aan de Rembrandt Bioscoop een echte bezoeking is. Zelden zag ik onder het mom van een gezellig avondje uit zo'n zielloze zwijnestal.
George Hall is net met pensioen als hij in een pashokje een rode vlek op zijn been ontdekt. Deze aandoening vormt al snel een onrustbarende obsessie die George langzaam gek dreigt te maken. Ondertussen desintegreert ook zijn directe omgeving. Zijn vrouw Jean gaat vreemd, zijn dochter Katie wil trouwen met de verkeerde man en zijn zoon wordt door zijn vriend verlaten. In de aanloop naar het huwelijk van Katie ontstaat een chaotische situatie die nog eens versterkt wordt door het steeds vreemdere gedrag van George.
